Inthe’s pilletjes avontuur.

Ik heb het altijd geweten… de eerste van mijn kindjes waarmee ik bij de spoed zou geraken zou Inthe zijn.

Ik wist het toen ze op 14 maand boven op de houten ladder van de glijbaan stond.
Ik wist het toen ze Warre voorbij stak op de trap met naar boven gaan.
Ik wist het toen ze op het eiland zat om een appel uit de fruitkorf te nemen, waarvoor ze een hele klimconstructie had moeten maken.
Ik wist het toen ik haar voor de duizendste keer vertelde dat ze moest komen VRAGEN of ze die besjes uit de tuin mocht opeten.
Ze is een durfal, een snelle klimmer, eentje die experimenteert,  een Janina zonder vrees, een deugniet eerste klas.

Eergisteren had ik de huisapotheek opgeruimd.  De doosjes had ik dicht in een zakje gedaan, dichtgemaakt en op een hoge kast gezet.
Maar gisteren kwam vond ik haar met een capsule uit één van de doosjes in haar mondje.  Een medicijn tegen zware sinusitis van mijn man.
Ik denk niet dat ik ooit al zo hard tegen haar geroepen had.  Ik viste de capsule heel uit haar mond, nog niet opgelost, niet op gebeten….
Ze huilde héél hard (omdat ik zo had geroepen).
Ik had geen idee of en hoeveel capsules ze had ingeslikt.  Er zaten er 20 in een verpakking, nu zaten er nog 12 in en ik had geen idee hoeveel er mijn man in 2011 genomen had (dat wist hij zelf ook niet meer)

Het antigifcentrum raadde aan om toch naar het hospitaal te gaan.  De ene stof kon toch wel wat gevaar geven voor het hartje.
Gelukkig woonde de Metie van de kleine Leni twee straten verder en kon ik Warre en Leni daar afzetten terwijl ik met Inthe naar het hospitaal ging.

Inschrijven met haar kids ID, de pilletjes laten zien aan de mevrouw aan het onthaal.
Doorschuiven naar de volgende verpleger, de pilletjes laten zien aan hem, hij vulde een fiche in.
Inthe mocht op de weegschaal, haar hartslag werd genomen met een ‘plampje’ op de vinger.

Ze was nog levendig, vrolijk, wilde door de deur naar ‘Wawwe’ en ‘auto’.

Op naar de kinderkamer op de spoedafdeling.  Komt daar de dokter binnen en vraagt wat er aan de hand is.
Nu ja, ’t is dat ik nogal stress had, anders had ik hem misschien toch even gezegd dat de efficiëntie ver te zoeken was. Ik had al 2 keer verteld (3 als je het antigifcentrum mee telt) wat er was gebeurd en er waren al 2 fiches  ingevuld.  De pilletjes waren bij de verpleger achtergebleven.

Even later kwam er een andere verpleger binnen met een bekertje zwart spul.  Daar was de actieve kool waar het antigifcentrum over gesproken had.
Het bekertje moest helemaal leeg!
Eigenlijk was Inthe best flink aangezien de verpleger had gezegd dat de meeste kindjes het uitspuwde.  Zij dronk het op, zei wel ‘Niet lekkeeuh’, maar dronk het leeg.

Omdat de stof uit de pilletjes hartritmestoornissen kon geven moest ze in observatie blijven.
Niet echt leuk, zeker niet omdat ik met Leni zat en dus naar huis moest.  Papa zou dan bij haar blijven.

Ik ben naar huis gereden voor haar pop, zuivere kleertjes en haar knuffel tutje.
Toen ik terug kwam zat ze op de kamer, had ze al een pyamaatje gekregen en een infuus in de arm.
Ze hadden er een extra lange plank aangemaakt, want het was nogal een hevige. (Vertel mij wat!)
Ook aan haar voetje zat een verbandje met een lampje om haar hartslag te meten.

Ze vond het niet leuk, wilde er uit…

Ik ging terug naar huis, want Warre moest ondertussen ook wel in bed.  Papa zou updates sturen.

Ze ging zingen “sojieeee mama, sojieeeeeee Wawwe ” (Sorry mama, sorry Warre).  Mijn boze tirade had blijkbaar toch indruk gemaakt.  Ze vond het plankje aan haar arm een leuk muziekinstrument tegen de spijlen van het bed, vond het lampje aan haar teen geweldig.  Mocht Plop kijken en had een boerderij in haar beje staan om mee te spelen.  Ze viel uiteindelijk in slaap tegen elf uur.

Thuis was het raar.  Normaal lezen we een verhaaltje samen in Inthe haar bedje en dan gaat Warre naar zijn kamer.  Deze keer lazen we er één op zijn kamer, zoals vroeger – wat deed dat vies!

’s morgens ben ik dan ontbijt gaan brengen voor papa.
Als Inthe een kindje hoorde praten zei ze: “Oh, Wawwe, Wawwe zoeken”.  Ze miste haar broer.
De speelkamer was een grote hit.  Ze heeft er met de auto’s gespeeld en getekend op het krijtbord.

Het maken van het cardiogram liet ze erg goed toe, ze keek alleen een beetje boos. Ze was eigenlijk héél flink.

Het cardiogram was goed en we mochten naar huis, eigenlijk wilde ze niet – de speelkamer was zo leuk.  Maar met “Ga je mee naar Warre?” was ze overtuigd.

Het infuus mocht eruit en de verpleegster tekende een gezichtje op de pleister dat ze aan iedereen fier laat zien…

“Nu geen pilletjes meer opeten hè” zei papa toen hij haar kleertjes aandeed: “Nee, papa zijn eh” was het antwoord…

Bah – geen leuk avontuur, maar gelukkig wel met een goede afloop.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s